Ook als rubriek op de zaterdagse pagina Spiritualteit in de Leeuwarder Courant

.

vrijdag 23 januari 2009

Sluiproute

Jacques d'Auchy neemt in de gevangenis van
Leeuwarden afscheid van zijn vrouw. Illustratie Jan Luyken

Een leuk initiatief van de Protestantse Kerk in Nederland aan het begin van het Calvijnjaar: een boekje met protestantse wandelingen. Met ‘Zij lopen, maar worden niet moe’ in de hand, kunnen interessante routes door Groningen, Deventer, Dordrecht en Middelburg worden gemaakt.
Zo’n boekje smaakt naar meer. Wie gaat zich zetten aan een veel dikkere gids, met een groot aanbod aan kerkhistorische wandelingen in Nederland en eventuele grensgebieden? Een eerste aanzet is al gegeven met ‘Op zoek naar sporen’, met daarin zes wandelingen. Maar er zullen veel meer boeiende routes te verzinnen zijn.

Zo heeft de Doopsgezinde Gemeente in Leeuwarden al jaren een wandeling door het centrum van de stad, die ook virtueel - maar dat is lang niet zo leuk - via de website van de gemeente is te doen. Eigenlijk is het deels een sluiproute. Want de doperse ketters moesten in de zestiende eeuw in het geniep hun ‘vermaning’ (godshuis) bezoeken. Ze werden vervolgd en in sommige gevallen ook ter dood gebracht. De eerste was Sicke Freerks die in 1531 werd onthoofd. Later volgde onder anderen Jacques d’Auchy (ook wel: Dosie), die in 1559 stierf.
Het aardige van de route is dat de schuilkerkhistorie nog min of meer is te zien. Zo bevindt zich voor het kerkgebouw aan de Wirdumerdijk een pleintje, dat enige jaren geleden Menno Simonsplein is gedoopt. Daar stond tot aan het begin van de negentiende eeuw bebouwing en de oude kerk werd zo aan het zicht onttrokken.

Aan het einde van de route wordt op de Nieuwestad gewezen op een smal steegje tussen twee winkelpanden. Dat was indertijd de onopvallende ingang naar de kerk die op de plek staat van de huidige vermaning. Via de nooduitgang van dat godshuis kom je nog altijd in dit steegje uit.
De wandelaar leert ondermeer dat de fraaie Kanselarij, waarin het Fries Museum huist, mede werd bekostigd door geld dat van doopsgezinde ketters werd afgenomen. Bij de oude gevangenis wordt er aan herinnerd dat daar ooit het Blokhuis stond waar doopsgezinden werden vastgezet en ook geëxecuteerd.