Ook als rubriek op de zaterdagse pagina Spiritualteit in de Leeuwarder Courant

.

maandag 1 december 2008

Hotelkerk

Het vlaggenschip van protestants
Leeuwarden: de Grote Kerk.

Hervormden hadden er een hekel aan: de typering van de Nederlandse Hervormde Kerk als hotelkerk. De term betekende zoveel als: ieder kan in die kerk belijden wat hij wil, het heet wel een kerk, maar de verschillende groepen kerkgangers komen elkaar hooguit op de gang of in de ontbijtzaal tegen.
De Protestantse Kerk in Nederland (PKN), waarin hervormden, gereformeerden en lutheranen opgingen, zegt mooie dingen over het samen kerk zijn. Wel veelkleurig, maar toch samen één voor Gods aangezicht. Zoiets. Maar een paar jaar na de fusie wordt glashelder dat de PKN precies zo’n verdeeld huis is als de hervormde kerk was.

Vandaag hebben we in de LC op de pagina Geestelijk Leven een exemplarisch verhaal over de Protestantse Gemeente te Leeuwarden. Binnenkort wordt bekend welke drie of vier van de zeven wijkkerken er moeten sluiten. In het afgelopen jaar zijn de wijkgemeenten aangemoedigd om samenwerkingsverbanden aan te gaan.
Waar heeft dat toe geleid? De Protestantse Gemeente, één in naam, is in twee blokken uiteen gevallen. Een, zeg maar, liberaal en een rechtzinnig blok. In Leeuwarden West is de reeds jaren bestaande samenwerking opgezegd, ten behoeve van de blokvorming met gelijkgezinden.
In het kerkblad Geandewei wordt door de diverse wijkkerkenraden natuurlijk enthousiast gedaan over de ,,herkenning en verwantschap’’ die men vond. Prachtig, maar blijkbaar alleen met een deel van de gemeente.

Het klinkt mooi om vol te houden dat je principieel één gemeente wilt zijn, maar wat zegt dat nu wanneer je de preken van de anderen niet kunt aanhoren, de predikanten van de anderen niet op de kansel wilt hebben en bij de koffie meewarig spreekt over wat er in de andere wijkkerk allemaal wel en niet gebeurt?
Het blijkt dat leden in het rechtzinnige kamp bijvoorbeeld meer hebben met orthodox-gereformeerden als de vrijgemaakten en christelijk-gereformeerden, dan met mensen in die gekoesterde ene gemeente. En anderen verruilen de Koepel- en de Pelikaankerk voor een andere wijk, omdat ze vinden dat de dominees daar te recht in de leer zijn.

Als dit geen hotelkerk mag heten, dan toch tenminste een appartementenkerk. Waarbij hooguit een praatje met de andere bewoners wordt gemaakt over de afscheiding van het balkon, of bij de deur, wanneer je komt vragen of het vieren van de herkenning en verwantschap wat zachter kan.