Redacteur geestelijk leven van de Leeuwarder Courant

.

donderdag 15 oktober 2009

Nieuwe aarde (2)


Mijn bijdrage ‘Nieuwe aarde’ van 19 augustus op deze weblog is niet louter door duizenden Jehovah’s Getuigen gelezen. Die deden dat overigens met een zeker enthousiasme, zo werd me in diverse mails verzekerd. Ook anderen lazen het en sommigen hadden wél kritisch commentaar.
Zo kreeg ik een heel aardige reactie van Kattekliek, die zelf ook een interessante weblog bijhoudt, die ik hier van harte onder de aandacht breng. Zij heeft overigens ook een link naar mijn log op haar site gezet en wel onder de rubriek Protestantse Blogs. Ik vraag me af waarom. Maar, zonder gekheid, ook als ze dat niet had gedaan, had ik hier haar blog genoemd.

Kattekliek is het niet met me eens dat alleen de Jehovah’s Getuigen een duidelijk voorstelling hebben van het hoe en wat van de nieuwe aarde. Ze wijst me op de Catechismus van de Rooms-Katholieke Kerk - haar kerk - waarin wel degelijk een duidelijke verwachting over een nieuwe aarde staat verwoord.
Ze heeft gelijk. Onder punt 1049 wordt in de katholieke catechismus bijvoorbeeld opgeroepen om met de wetenschap van een nieuwe aarde niet slordig met déze aarde om te gaan. Het leerboek gaat er dus vanuit dat mensen die aarde zullen bewonen. De RK Kerk gelooft dus niet, zie het slot van ‘Nieuwe aarde’, dat die nieuwe aarde leeg zal zijn.

Sinds de vroege kerk, vertelt Kattekliek verder, wordt dat getal van die 144.000 gelovigen in de hemel symbolisch gelezen. En, gaat ze verder, de nieuwe hemel en nieuwe aarde worden ook sinds de vroegste kerkvaders niet als afzonderlijke dingen gezien. ,,Het is één entiteit, namelijk het voltooide Rijk Gods.’’
Ik geef deze opmerkingen van Kattekliek, die ik overigens als protestant ook van jongs af aan meegekregen heb, graag door. Ook omdat ik aangenaam verrast ben dat een katholiek zo goed van haar zaakjes op de hoogte is. Niet iedere gelovige heeft last van het onder anderen door bisschop Gerard de Korte gesignaleerde ‘bijbels analfabetisme’.

woensdag 14 oktober 2009

Godsleer


De tijd dat een theologiestudent op een feestje tegen een vlotte, modern ogende juffrouw wel eens wat besmuikt sprak over het feit dat hij zich dagelijks bezighield met de godsleer, is voorbij. De jongeren van nu begrijpen het Maarten ’t Hart-syndroom van de ouderen niet en ook niet de gêne die daarmee gepaard ging. Gelukkig.
Dat religie weer mag, constateerden ze enige weken geleden ook bij het begin van het studiejaar aan de Rijksuniversiteit Groningen, kortweg RUG. Een recordaantal nieuwe studenten had zich ingeschreven voor een opleiding aan de faculteit godgeleerdheid en godsdienstwetenschap.

In totaal waren er 72 nieuwe studenten. Slechts een minderheid (16) gingen voor de echte theologiestudie, de meesten (43) stortten zich op de godsdienstwetenschap en de andere 13 hadden gekozen voor de opleiding geestelijke verzorging. Vergeleken met vorig jaar ging het om een toename van het aantal nieuwe studenten met 20 procent.
En nu zijn er de cijfers van de theologische faculteit van de Vrije Universiteit in Amsterdam. Die meldt tevreden dat er dit jaar maar liefst 40 procent meer studenten zijn. Bij de VU hebben zich 163 eerstejaars gemeld voor een bachelor- of masterstudie. De helft komt voor de theologieopleiding, de andere helft voor de studie religie en levensbeschouwing.

Het is een boeiend verschijnsel. Veel van die nieuwe godgeleerden zijn niet religieus, maar ze zien in dat religie een factor van belang is in deze samenleving en wereld. ,,Levensbeschouwing doet er toe’’, zegt decaan Wim Janse van de theologieopleiding van de VU in het Nederlands Dagblad.
Bij de universiteiten die een kerkelijke theologieopleiding bieden, is het aantal studenten stabiel of zelfs iets gedaald. Al weer een fraaie illustratie van het feit dat de aandacht voor levensbeschouwing buiten de kerkmuren, waarbinnen het op veel plaatsen steeds stiller
wordt, onverminderd door gaat.

dinsdag 13 oktober 2009

Ex-moslims


Moslims die zich bekeren tot het christendom lopen ook in Nederlandse opvangcentra het risico gepest of gediscrimineerd te worden. En het kan erger. Soms wordt hun leven bedreigd. Ik berichtte daar al enige jaren geleden over. En gisteren meldde de LC dat het ook in Friesland gebeurt.
Op de pagina geestelijk leven van mijn krant stond een interview met de initiatiefneemster van opmerkelijke Arabisch-Nederlandstalige diensten, waarvan er zondag weer eentje in Leeuwarden is. Ze wilde nauwelijks op de kwestie van de bedreigingen ingaan, maar bevestigde dat die in centra zeer reëel is.

Als voorbeeld werd het centrum in Dokkum genoemd, omdat dat inmiddels gesloten is. Dat kon dus geen repercussies hebben voor betrokkenen. De kwestie van asielzoekers met een moslimachtergrond die zich vaak in alle stilte in een kerk laten dopen, vormt een mijnenveld. Het ligt uitermate gevoelig.
Ook leidinggevenden in de centra zijn niet blij met bekeringen, begreep ik, want dat veroorzaakt immers op z’n minst onrust. En, een andere kwestie, hoe weet je zeker of er echt sprake is van een bekering? Misschien wil iemand vooral zijn kans op uitzetting naar het islamitische thuisland mee verkleinen.

Als dat laatste het geval is, is dat niet slim. Ik hoorde dezer dagen ook van een paar dat om hun christelijke geloofsovertuiging Iran ontvluchtte. Hun asielaanvraag is nu net voor een tweede keer afgewezen. De kwestie van ex-moslims mag dan een mijnenveld zijn, met ons uitzettingsbeleid denderen wij als Nederland daar onbevreesd doorheen.

maandag 12 oktober 2009

Paus Johanna


Als het over het Vaticaan gaat, zijn veel mensen onmiddellijk geneigd allerlei complottheorieën te geloven. ‘Als de archieven van Rome zouden opengaan, zou het bewijs gevonden worden dat heel het christelijk geloof onzin is.’ En paus Johannes Paulus I, die in 1978 al na 33 dagen pontificaat stierf, werd natuurlijk vermoord.
De geslotenheid van het Vaticaan en zijn eerbiedwaardige geschiedenis prikkelen de verbeelding. Sinds het succes van ‘De Da Vinci Code’ van Dan Brown is een ongekend aantal titels in de categorie Spannend Boek verschenen rond religieuze malversaties. En het Vaticaan speelt in menig thriller geregeld een hoofd- dan wel bijrol.

En nu staat er weer een film op stapel die op deze trend inspeelt met dus een prachtig en dit keer eeuwenoud verhaal over het centrum van de macht van de Rooms-Katholieke Kerk. Halverwege december gaat in ons land ‘Pope Joan’ (‘Die Päpstin’) in première, over de legendarische vrouwelijke paus Johanna.
Het is natuurlijk een prachtverhaal: in de negende eeuw - maar het kan net zo goed de elfde eeuw zijn geweest - was er een vrouw die zich met succes voordeed als man. Ze maakte een kerkelijke carrière en belandde dus uiteindelijk op de pauselijke stoel. Ze raakte echter zwanger en beviel tijdens een processie waardoor de waarheid aan het licht kwam.

De film is, zeggen de makers, gebaseerd op ‘a true story’. Ja hoor, tuurlijk. Het verhaal over de vrouwelijke paus deed al aan het einde van de middeleeuwen de ronde, maar is toch echt slechts een verzinsel. Ook onder de middeleeuwers waren er die vonden dat de waarheid een mooi verhaal niet in de weg mag staan.

vrijdag 9 oktober 2009

Ikeatheorie


Ellen van Wolde houdt vandaag haar inaugurele rede als hoogleraar exegese van het Oude Testament aan de Radboud Universiteit. Haar boodschap was gisteren al uitgebreid in het nieuws. Aan het begin van Genesis, zo zegt Van Wolde, staat niet dat God de aarde en hemel schiep. Wel dat hij die twee scheidde.
Volgens haar zou het Hebreeuwse goddelijke werkwoord ‘bara’, dat traditioneel met ‘scheppen’ wordt vertaald, hier dus als ‘scheiden’ moeten worden gelezen. Onder theologen is met enige verbazing op de ophef gereageerd. Het was al lang bekend, klinkt het van diverse kanten, dat ‘bara’ ook die betekenis kan hebben.

Er was, voor God aan de slag ging, al water en daarin leefden al monsters. Hij schiep dus niet iets uit niets, aldus Van Wolde, die gelooft dat daarmee de in dit Darwinjaar herleefde discussie over de schepping van de wereld in zwaardere christelijke kring onzinnig is geworden. De bijbel zelf zegt het: God was niet de schepper.
Maar dat is wel een erg merkwaardige gevolgtrekking. Ook onder degenen die geloven dat God de wereld schiep, is al lang en breed nagedacht over de melding aan het begin van Genesis dat de aarde woest en ledig was. Waarom zou God niet ook aan de wieg hebben gestaan van de chaos die aan de orde vooraf ging?

Ter illustratie: gistermorgen vroeg bleef ik thuis, omdat er van Ikea een aantal grote en loodzware pakketten zou worden bezorgd. De pakketten zijn door mij wat chaotisch neergezet en ik ben snel naar de krant vertrokken. Zojuist thuisgekomen heb ik orde geschapen in de door mijzelf geschapen chaos.
Deze Ikeatheorie is wellicht wat simpel, maar zo kan God toch ook gewerkt hebben aan de hand van een heilige chaos? Er staat meer in de bijbel dan alleen Genesis. Zo zegt God in Job bijvoorbeeld: ,,Waar was jij toen ik de aarde grondvestte?’’ Het is wat hovaardig en beslist ook dwaas te menen dat deze inauguratie revolutionair is.

donderdag 8 oktober 2009

Relisurfen

Afnemende belangstelling voor geloof? Dat valt niet uit het internetgedrag van de Nederlanders op te maken. Althans, dat zegt het bedrijf OnlineResults, dat zich met virtuele marketing bezighoudt. Eén op de vijf mensen bezoekt geregeld sites met informatie over religie, geloof en levensbeschouwing.
De conclusie aan het begin lijkt niet helemaal gerechtvaardigd te worden door de uitkomst van het onderzoekje van OnlineResults. Dat één op de vijf Nederlanders relisurft, staat nog niet in verhouding met de laatste CBS-cijfers waaruit blijkt dat nog altijd ruim de helft van de volwassenen zich tot een kerk of levensbeschouwing rekent.

Maar toch, het is aardig dat ook commerciële internetdeskundigen opmerken dat religie het goed doet op het weg. Er wordt, als je OnlineResults mag geloven, door miljoenen geregeld gezocht naar informatie over religie. Dat blijkt een heel breed terrein. Het gaat niet alleen om godsdiensten, maar ook om bijvoorbeeld filosofie of hekserij.
Speciaal noemt het bedrijf Jehovah’s Getuigen. Dat is extra aardig, want juist door hen had ik hier de afgelopen weken een vertwintigvoudiging van het aantal bezoekers. Dat is te danken aan het feit dat iemand de bijdrage ‘Nieuwe aarde’, die ik in augustus hier schreef, op een virtuele ontmoetingsplek van Jehovah’s Getuigen heeft gelinkt.

Bij OnlineResults zijn ze wat verbaasd over het enthousiaste internetgedrag van bijvoorbeeld Jehovah’s Getuigen. ,,In de van oorsprong wat conservatieve wereld van de religie gaat men steeds meer met de laatste ontwikkelingen mee.’’ Zo geformuleerd zullen er overigens nogal wat behoudende gelovigen zijn die van zo’n constatering zullen schrikken: we glijden af!
Maar het valt mee. OnlineResults doelt op communities die rond kerk en geloof zijn gebouwd als Tangle.com of complete tv-zenders als ComeTogetherTv.nl. Een aardige constatering is ook dat de populairste relisurfplekken op het net zijn opgezet door individuele gelovigen. Kerken en andere officiële religieuze instanties kunnen daar nog een puntje aan zuigen.

woensdag 7 oktober 2009

Domineesdochter

K3 is weer compleet. De Amsterdamse Josje Huisman is sinds zaterdagavond het derde lid van de onder kinderen populaire groep. En in christelijke media en fora zingt het nu rond: de 23-jarige blondine die de komende tijd naast Karen en Kristel mag optreden (midden foto) is een domineesdochter.

Josje is de jongste dochter van Cees Huisman, predikant van de Protestantse Gemeente te Meppel. Het Nederlands Dagblad noteert onder meer: ,,Of het nieuwe K3-lid leeft in het van thuis meegekregen geloof, is niet na te gaan. Sterker nog: er is op internet zo onwaarschijnlijk weinig informatie over haar te vinden, dat gevreesd moet worden dat ook haar verleden zorgvuldig is gewist.’’

Of ze nog wel of niet geloofd en of het beleid is om dit achter de schermen te houden - het is wel opmerkelijk dat al weer een zingende ster aan het Nederlandse firmament een kerkelijke achtergrond heeft. De vier finalisten van Idols van vorig jaar hadden ook allemaal leren zingen in de kerk en het gospelkoor. En die waren, begreep ik, wel allemaal gelovig.

Het patroon lijkt me duidelijk, en de wijze les die daar uit te trekken valt, ook: wil je dat je kinderen later goede kans maken om in de schijnwerpers te komen, zonder dramatisch af te gaan voor een kritische jury en voor het oog van het hele Nederlandse volk, stuur ze dan naar de kerk.

dinsdag 6 oktober 2009

Levensfilm


Er was een reden waarom ik zo enthousiast afstapte op die evangeliserende mevrouw - zie mijn log van gisteren. Ik zag in een andere taal een brochure liggen die ik onmiddellijk herkende als het boekje dat ik als kind eens had gekregen in de befaamde Bijbelkiosk op de boulevard van Scheveningen.
Dat het ding nog bestond! De mevrouw bleek het werkje in allerlei talen te hebben en vond die ene Nederlandse, waarvan ze wist dat die er tussen moest zitten. En nu heb ik de brochure, die ik indertijd zou nauwgezet had bestudeerd, weer in mijn bezit: ‘Een brief voor jou.’ Het is een feest der herkenning om door de 64 pagina’s heen te bladeren.

Ook zonder het in te kijken, kon ik van alles uit de inhoud vertellen. Die ‘brief voor jou’ is natuurlijk de bijbel, en die kon je in ruim 70 uur doorlezen. Na even bladeren zag ik dat ik het goed had onthouden: ,,Wanneer men de Bijbel hardop voorleest, op de gewone manier van spreken, heeft men 70 uur en 40 minuten nodig.’’
Ik las ook weer die wonderlijke anekdotes over bijbels die werden ingemetseld, verkwanseld, gebakken, verscheurd en doorschoten: een soldaat had in de loopgraaf zijn zakbijbeltje in zijn borstzak gehad en die had een kogel opgevangen. Die bijbel, vertelde de soldaat, heeft mijn leven twee keer gered. Hij had er ook toegang tot het eeuwig leven door gekregen.

Er zijn echter twee bladzijdes die echt in mijn geheugen zitten gebrand. Het gaat om ‘De film van een leven’ waarin wordt verteld hoe mensen tijdens hun leven worden afgehouden om zich te bekeren. Ze zijn achtereenvolgens te jong, te zorgeloos, te zelfbewust, te gelukkig, te druk, te bezorgd, te oud en tenslotte is het volgens het plaatje ‘Te laat’.
Ik heb die aardige dame niet verteld hoe beklemmend ik die twee pagina’s vond en, nu ik ze weer voor me heb, nog vind. ,,Zal het voor jou ook eenmaal te laat zijn?’’ Zoveel jaren na die keer dat ik het boekje voor het eerst bestudeerde, weet ik hoe waar het is wat er bij staat: ,,Het leven is kort. Het gaat snel, als een film.’’

maandag 5 oktober 2009

Bruine kleur


Ze was blij verrast met de belangstelling. Iemand die enthousiast op háár afstapte, dat maakte ze zelden mee. De dame van de Britse evangelische Kos Christian Fellowhip was helemaal ingesteld op norse, afwerende reacties op haar eenvoudige evangelisatiepost in de haven van Kos-Stad. You make my day!
We hadden dan wel vakantie, maar ik kon het niet laten om dat unieke verschijnsel van dichtbij te bekijken. Vrijwel iedere Griek is per definitie en automatisch lid van de Grieks-Orthodoxe Kerk. En die kerk moet net als alle andere oosters-orthodoxe kerken niets hebben van proselitisme, moeilijk woord voor ‘zieltjeswinnerij’.

In augustus had ik een jonge zendeling van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen (beter bekend als de kerk van de mormonen) geïnterviewd. De Leeuwarder Ezra Steinvoorte was net terug van een kleine twee jaar zending in Griekenland. Zendelingen, vertelde hij, worden door Grieken vaak nageschreeuwd en uitgescholden.
,,Als je Griek bent, ben je orthodox. Ben je niet orthodox, dan ben je geen Griek’’, aldus Steinvoorte. Niet alleen mormonen ploegen op Griekse rotsen, dat geldt ook voor zo’n evangelische gemeente als die Fellowship of voor rooms-katholieken. Die laatste hebben een piepklein kerkje in Kos-Stad, dat we vanzelfsprekend hebben bezocht.

De colporterende mevrouw gaf me een heel aardige folder, helemaal in de stijl van de strooibiljetten die bij de vele rondvaartboten in de haven werden uitgedeeld. Daarin wordt blijvende ontspanning en zekerheid beloofd. Het vervallen, ooit door ridders gebouwde fort bij de haven wordt ter illustratie genoemd van de beperktheid van menselijke zekerheden.
De folder eindigt met: ,,Bedenk hoe geweldig het zou zijn wanneer u niet alleen met een spectaculaire bruine kleur en wat souvenirs zou thuiskomen, maar ook met vrede met God!’’ Inderdaad, dat is wat. Want mijn kleur is ruim een week na thuiskomst allang niet meer zo spectaculair en vandaag is de vakantievrede wreed beëindigd.

zaterdag 26 september 2009

Stille tijd

Een beetje goede vakantie is een en al 'stille tijd'. Maar in het jachtige leven iedere dag een moment vrijmaken voor meditatie is een mooi ideaal dat lang niet iedereen kan opbrengen. En er zijn er die dat intussen wel betreuren. Voor deze mensen heb ik een aardige tip, die ik tegenkwam in de sacristie tussen het klooster en de kerk van de dominicanen in Zwolle.
Bevestig een boekenhouder boven je wastafel, zet daarop een stichtelijk boek open en benut de tijd voor het tandenpoetsen ook geestelijk. Misschien ga je er ook vanzelf langer door poetsen. En misschien vergaat het je wel als mijn vader die wel eens riep na het lezen van een bijbelgedeelte en een overdenking in het bijbels dagboek na het avondeten: ,,Ik kan bijna niet wachten tot morgen!’’

Korte Metten is op vakantie.

woensdag 23 september 2009

En ik neem mee (3)


Tijdens een bezoek aan New York kreeg ik voor mijn geïrriteerde lippen wel een heel opvallende lipbalsem cadeau. Het plaatje spreekt voor zich. Het is lip balm van het merk ‘Lookin’ Good for Jesus’.
Ik ben wel geïntrigeerd wie nu zoiets op de markt brengt. ‘Lookin’ Good for Jesus’ blijkt een hele productlijn te zijn. Behalve lipbalsem is er ook een spiegeltje waarin je kunt checken of je er echt zo goed uitziet, badschuim, een crème enz.

Er staan instructies bij dat je gereed moet zijn, en waardig. Het is niet eens zo gek om door zo’n lippenstift in je zak geregeld herinnerd te worden aan het feit dat je je moet onderscheiden.
Ik vind het aardiger dan die artikelen met WWJD op een armbandje, T-shirt of tas. Het is geheimtaal voor What Would Jesus Do - wat zou Jezus doen? Wie op deze kreet googelt op afbeeldingen, komt veel daardoor uitgelokte rottigheid tegen.

Korte Metten is op vakantie.

zaterdag 19 september 2009

En ik neem mee (2)

Ik hou van een frisse mond (dat zouden meer mensen moeten doen). Mijn vader had altijd pottertjes bij zich en dat vond ik als kind al een goede gewoonte. Ik hou het, modern als ik ben, bij mints. Wat ik onder meer in mijn tas heb zitten zijn de mini mints van King - met het uit de kerk zo vertrouwde logo.
Ze smaken overigens absoluut niet als de vertrouwde, grote pepermunten. En dat vind ik prima, want die smaak hoort echt bij de kerkgang. Ik krijg er wel eens eentje aangeboden. Ik accepteer ze slechts in de kerk. Een Kingpepermunt buiten het bedehuis, dat hoort niet.

Ik heb ook een blikje mints waar ik heel zuinig op ben. U ziet het al op het plaatje. ‘Last Supper After Dinner Mints’. U begrijpt het, zulke snoepjes neem je niet zo maar. Dat is echt iets voor heel speciale gelegenheden.
Ze zijn gemaakt in China, maar ze worden door een Amerikaans bedrijf op de markt gebracht. Nee, de mints helpen niet tegen de Mexicaanse griep, maar eventuele bacillen worden er wel fris en fruitig door.

Korte Metten is op vakantie.

woensdag 16 september 2009

En ik neem mee

Het is een oeroud spelletje, je hebt er niets voor nodig en het wordt nog altijd gespeeld: ‘Ik ga op reis en ik neem mee…’ Kinderen uit een beetje christelijk gezin beginnen natuurlijk met: ‘Mijn bijbeltje’.
Ik herinner me een aardige evangelisatiecampagne uit de tijd dat er nog geen via de satelliet aangestuurde navigatorsystemen voor de auto waren, maar veel mensen wel een dik boek voor de weg hadden van Reader’s Digest. De slogan van die campagne luidde: ‘Het állerbeste boek voor de weg’. En dat was natuurlijk de bijbel.

Maar wat neemt een mens nog meer mee? Er is tegenwoordig van alles te krijgen aan semi-religieus spul en als redacteur geestelijk leven krijg je zo nu en dan uit die categorie wat cadeau. En soms is het heel handig.
Wat ik deze vakantie zeker bij me heb, is mijn iPod en daarvoor heb ik onlangs een heel aardige skin gekregen. Niet vreselijk handig, wel origineel. U ziet het op het plaatje: ‘Hymn Book’. Het ding heeft een groot voordeel: als je per ongeluk je daarmee verpakte iPod in de auto laat liggen, zal niemand je ruitje intikken.

Korte Metten is op vakantie.

zaterdag 12 september 2009

Kerk(hof)toerisme


Het kerkelijk seizoen begint weer. Ik heb de afgelopen dagen al tientallen aankondigingen van startzondagen voorbij zien komen. De Protestantse Gemeente te Gaast-Ferwoude gaat bijvoorbeeld binnenkort helemaal naar Texel, waar iedereen te gast is bij de vorige dominee, die nu op het eiland werkt.
Hier en daar wordt met veel creativiteit geprobeerd een frisse invalshoek voor de dag te kiezen. Zo heeft de Protestantse Gemeente te Heerenveen de crisis van de banken aangegrepen voor een actueel thema. Zijn de kerkbanken, zo is de centrale vraag, ook in crisis? Na de ochtenddienst is er een programma met bank-etstaaf, wordt ‘op de bank bij’ opgevoerd, is er de vacaturebank, bankdrukken, een verkiezing van het kerk-bank-stel…

De kerken op Terschelling hebben de startzondag in ‘Strandzondag’ omgedoopt. Niet alleen omdat de festiviteiten op het strand worden gehouden, maar ook omdat de aanduiding ‘startzondag’ in hun ogen onjuist is. Het wekt de suggestie alsof de kerken de hele zomer gestopt waren. En dat was niet het geval, daarvan kan ik als verslaggever die de hele zomer doorgewerkt heeft, ook getuigen.
De planning is misschien niet handig, maar het is nu voor mij hoog tijd voor vakantie. We zijn even een paar weken weg waarvan we het grootste deel op een Grieks eiland doorbrengen. Even geen mail, geen krant, geen kerkbladen, geen religieuze websites en ook even geen verse Korte Metten. De kerk vergeet ik overigens niet. Ik ga absoluut uitgebreid kerken bezoeken, maar vooral kerkhoven. De Griekse begraafplaatsen zijn vaak een lust voor het oog en we kunnen daarop lang rondstruinen.

Het als hobby bezoeken van kerkhoven is een erfelijke kwaal. Mijn oma van moeders kant ging vaak met een stel van haar vele kleinkinderen uit wandelen, waarbij ze altijd verdwaalde en vaak ook tussen de graven belandde. ‘Wie is er op dit rijtje het oudst geworden?’ Die wedstrijdopdracht werd gefluisterd, want dat leerden we ook, op een kerkhof neem je gepaste eerbied in acht.
Mijn moeder zette deze traditie met haar kleinkinderen voort. Als bijvoorbeeld het graf van mijn opa werd bezocht, gingen de kleintjes enthousiast mee. Want dan werd er onder leiding van oma naar kabouters gezocht en gevonden ook, achter grafzerken en vazen met verlepte bloemen. Ik ben vast van plan om te zijner tijd de traditie voort te zetten. Maar ik ga eerst op vakantie.

vrijdag 11 september 2009

Corrigerende tik

Hij laat het er op aankomen, de evangelische voorganger Gertjan Goldschmeding. Hij weigert zich aan een wet te houden die in zijn ogen tegen de bijbel indruist. En dat heeft hem en zijn ega al een paar aanhoudingen wegens kindermisbruik opgeleverd en de dreiging van een psychologisch onderzoek van zijn kinderen.
Het gaat de voorganger van de Amersfoortse gemeente ACC om het verbod op het slaan van je kind. Het staat in Spreuken 13 zo duidelijk: ‘Wie zijn zoon de stok onthoudt, haat hem, wie hem liefheeft, tuchtigt hem.’ En er zijn meer bijbelteksten waaruit valt op te maken dat bij een godvrezende opvoeding een corrigerende tik hoort.

Goldschmeding heeft over die tekst gepreekt en hij heeft van de politie te horen gekregen dat hij dat niet meer mag doen. Kijk, dat hadden ze niet moeten zeggen. ,,Dit draait om hele fundamentele zaken van de Nederlandse samenleving. Een voorganger van een kerk wordt niet langer gezien als iemand die de maatschappij tot zegen is, maar juist een gevaar is.’’
De voorganger is beslist niet de enige christen in Nederland die er zo over denkt, er zijn honderdduizenden gelovigen die vinden dat de hedendaagse equivalent van de roede (toen ik jong was de mattenklopper) op z’n tijd heel heilzaam kan zijn. Toen het verbod er kwam, bleef het merkwaardig genoeg stil. Het is dus het is wel interessant dat Goldschmeding nu geen millimeter wijkt.

Ik ben wel benieuwd wat minister Donner op het verweer van Goldschmeding heeft te zeggen. Vijf jaar geleden was hij als minister van justitie degene die een verbod op het slaan van kinderen wilde. Maar hij komt uit een degelijk nest en hij is ook beslist op de hoogte was van de reikwijdte van Spreuken 13.
Interessant is of Rouvoet als ChristenUnie-minister nu zijn nek zal uitsteken. Die kent de tekst uit Spreuken beslist ook. Alle jeugdhulporganisaties zijn razend druk, zegt Goldschmeding, maar toch wordt zo’n braaf gezin als dat van hem ontleed. ,,Moet ik echt uren verhoord worden om er achter te komen wat er aan de hand is?’’ Goeie vraag.

donderdag 10 september 2009

Vrijwilligerswerk


Kerken moeten hun vrijwilligers koesteren. Maar niet al het vrijwilligerswerk is even sterk. Of even legaal. Ook al wordt iets wat niet door de beugel kan te goeder trouw gedaan onder leiding van bijvoorbeeld kerkrentmeesters, het blijft illegaal.
Dat was de boodschap die de economisch politierechter in Leeuwarden eerder deze week had voor de Hervormde Gemeente van Koudum in een uitspraak die echter ook tot lering kan dienen van alle andere kerkelijke gemeenten.

Het leek allemaal zo mooi. Vorig jaar konden dankzij zo’n zestig vrijwilligers vijf oude diaconiehuisjes lekker goedkoop worden gesloopt. De vrijwilligers waren enthousiast. Te enthousiast bleek later. Ze hadden niet de kleine lettertjes in de sloopvergunning gelezen.
Voor het verwijderen van asbest, zo dienen wij allen te weten, moet een professioneel bedrijf worden ingeschakeld. Maar een paar van de vrijwilligers met ongetwijfeld groot geloofsvertrouwen verwijderden uit broederlijke liefde grote hoeveelheden asbest voor de rest van de sloopploeg kwam.

De politierechter wees er nog eens op hoe kankerverwekkend asbest kan zijn. En dat nu nauwelijks valt na te gaan waar het puin van de diaconiehuisjes is terechtgekomen. Zo zou het heel goed als verharding op boerenerven gebruikt kunnen zijn.
Volstaat binnen de kerk vaak een schuldbelijdenis, de rechter nam daar geen genoegen mee. Hij legde de kerk een boete op van maar liefst €3500. Dat vond hij een alleszins redelijk bedrag, omdat de vele vrijwilligers de kerkelijke gemeente een veel groter bedrag aan sloopkosten had bespaard.

woensdag 9 september 2009

Cocksiaan


Mijn vader haalde gistermorgen het Nederlands Dagblad uit de brievenbus en hij voelde zich onmiddellijk aangesproken. Direct onder de krantentitel, linksboven stond in de ‘etalage’ (het deel waarin artikelen elders in de krant worden aangekondigd): ‘Schrijver werd in z’n jeugd uitgescholden voor Cocksiaan.’
Met zo’n achternaam als de onze kom je geregeld krantenkoppen tegen die leuk voor het prikbord zijn. Maar in dit geval voelde mijn vader zich bijzonder aangesproken. ,,Hoe kunnen ze dat nou weten?’’, zei hij tegen mijn moeder. ,,Ze scholden mij als kind niet alleen uit voor Cocksiaan, maar zelfs voor ‘smerige Cocksiaan’!’’

Voor degene die de tale Kanaäns niet beheerst, is zo’n scheldwoord niet te plaatsen. Een Cocksiaan is een navolger van dominee Hendrik de Cock, dé man achter de Afscheiding van 1834 waarbij een grote groep bezwaarde kerkleden de Hervormde Kerk verliet. Zij vormden later de Gereformeerde Kerken.
‘Cocksianen’ zijn scheurmakers en scherpslijpers. Althans in de ogen van de hervormden, die vooral dit woord als schimpscheut gebruikten. Cocksiaanse kinderen waren makkelijk te traceren, want die gingen naar een ‘school met den bijbel’ waarvoor hun (voor)ouders een schoolstrijd over hadden gehad. Hervormden gingen gewoon naar een openbare school en die was volgens hen best genoeg.

Ik dacht dat dergelijke scheldwoorden tot een grijs verleden behoorden, maar een jaar of tien geleden werden kinderen van de gereformeerde (lees: vrijgemaakt-gereformeerde) basisschool in Blije uitgescholen voor ‘artikeltjes’. De ‘openbare’ kinderen hadden waarschijnlijk geen idee wat het betekende, en de beschimpte kinderen evenmin.
Voor wie het weten wil: het scheldwoord herinnert aan de aanduiding die de vrijgemaakt-gereformeerden in de jaren na de kerkscheuring van 1944 voerden. Zij noemden zich officieel Gereformeerde Kerken - de ware voortzetting van die kerken - maar zetten daar tussen haakjes ‘onderhoudende Artikel 31’ achter, om verwarring bij bijvoorbeeld de postbode te voorkomen.

Voor de kenners was die toevoeging niet zonder betekenis. In dit artikel van de kerkorde (zeg maar ‘grondwet’ van de kerk) staat dat kerkleden een synodebesluit naast zich neer moeten leggen als dat strijdig is met Gods Woord. En dat was volgens hen wat er in 1944 was gebeurd. Zij noemden de andere gereformeerden schamper ‘synodalen’ en die noemden hen even neerbuigend ‘artikeléénendertigers’.

dinsdag 8 september 2009

Tsjerkepaad

Het begon nog niet zo lang geleden heel voorzichtig. Binnen de Friese Raad van Kerken was het plan ontstaan om kerken op zaterdagmiddagen in de zomer open te stellen voor publiek. In 2004 gebeurde dat voor het eerst en 25 kerken deden mee aan Tsjerkepaad.
Het smaakte naar meer en het jaar daarop werd het weer georganiseerd. Nu werden meer kerken gevraagd mee te doen en zo groeide het initiatief ieder jaar. Vorig jaar deden tweehonderd kerken mee en werden zo’n dertigduizend belangstellenden genoteerd.

Zaterdag, op Open Monumentendag, loopt Tsjerkepaad 2009 dat in juni begon, af. En het succesverhaal gaat door. Dit maal deden bijna 250 kerken mee en er zijn nu reeds ruim veertigduizend bezoekers geteld. Het is duidelijk: Tsjerkepaad is een schot in de roos.
Veel kerken organiseerden ook iets aardigs. Zo bezocht ik een expositie van doopjurken in de diverse deelnemende godshuizen in Woudsend. Simpel, maar hartstikke leuk: jurkjes op een rijtje, met daarbij kaartjes wie van welke familie er wanneer in ten doop was gehouden.

De bedehuizen werden niet alleen bezocht door geroutineerde kerkgangers. Ook mensen die zelden of nooit in een kerk komen, stapten geregeld van de fiets om eens een kijkje te nemen in zo’n kerk met de deuren uitnodigend en vrijblijvend open.
Het is een initiatief dat navolging verdient in andere provincies. Alles wat je nodig hebt, is een aantal enthousiaste vrijwilligers en succes is verzekerd. Het is een simpele, maar doeltreffende manier om te laten zien: hé, we zijn er ook nog.

zaterdag 5 september 2009

De Sense


Een nieuw kerkgenootschap in Nederland houdt vanmiddag de eerste viering in Bilthoven. Het gaat om de Sense, kort voor RenaisSenseMovement. Het genootschap wil een plek zijn waar mensen met elke achtergrond en vanuit elke traditie terecht kunnen.
Wat de boodschap is van de Sense? Dat valt misschien het eenvoudigst op te maken uit de taakomschrijving van de drijvende kracht achter de kerk, Joan Elkerbout. Zij noemt zich de eerste interspiritueel voorganger van Nederland.

Voor de zomer volgde Elkerbout, zo vertelt ze, het One Spirit Interfaith Seminary in New York, waaraan ze de titel Interfaith Minister ontleent. De door haar gestichte kerk heeft elke wijsheidstraditie en religie als bron.
Uiteindelijk komt iedereen volgens haar uit bij de Essentie, of je die nu Spirit of Jahweh of Allah of God of hoe dan ook noemt. Geen strijd van de religies meer onderling, maar een gezamenlijke beschikbaarheid voor de wereld, legt ze op Kerknieuws.nl uit.

Wil je het een beetje leuk vinden bij de Sense dan moet je niet alleen andere wijsheidstradities respecteren, maar ook bereid zijn daarvan te leren en deze ,,daar waar passend te integreren in het eigen leven en de eigen spiritualiteit’’.
Met de aanduiding ‘ietsismekerk’ is ze niet echt gelukkig. Dat suggereert het relishoppen dat kenmerkend is voor de ‘ietsist’. Dat is haar te vrijblijvend. De Sense wil juist naar de diepte afsteken. Maar louter interspiritueel.

vrijdag 4 september 2009

Zeker weten


Echt makkelijk hebben ze het niet bij de EO, dacht ik, toen ik zojuist weer de brievenrubriek in Visie, het magazine van de omroep las. Slim heeft de leiding daar de laatste tijd niet gehandeld, schreef ik al eens hier. Maar het is ook lastig manoeuvreren met zo’n achterban.
Neem de brieven van deze week. Iemand vindt dat in ‘Knevel en Van den Brink’ te werelds is gepraat over het laatste weeralarm. Een gezin heeft gebeden dat de weerprofeten ongelijk zouden krijgen. Het KNMI zat dan ook niet verkeerd. ,,Ik ben er van overtuigd dat God zich op 20 augustus heeft laten verbidden, een andere verklaring is er gewoon niet.’’

Meer oog voor de macht van de Almachtige dus, die beslist ook de hand in het weer heeft. Meer eerbied wil ook een schrijfster uit Capelle aan den IJssel. In ‘Nederland zingt’ zong een koor het lied ‘In de ochtend’. Maar de Heere Jezus had niet met ‘je’ en ‘jouw’ mogen worden aangesproken, maar met ‘U’ en ‘Uw’.
Even verderop vindt iemand het onzin dat er kritiek kwam op een recensie van Harry Potter in Visie. Een deel van de EO-leden vindt de boeken en films letterlijk uit den Boze en ze geven tot verdriet van de schrijver degenen die er wel van genieten, geen ruimte. ,,Jammer, dat zoveel mensen zó intolerant zijn, dat het de EO leden kost.’’

Ernaast pleit een tiener voor minder negatieve, onaardige en kwetsende reacties op bijvoorbeeld Arie Boomsma. ,,Je kunt elkaar beter steunen.’’ Alleen al op grond van deze reacties is het duidelijk dat het voor een Evangelische Omroep onmogelijk is om een koers uit te zetten die door iedereen gesteund zal worden.
Het zeker weten uit de definitie van geloven in Hebreeën 11 vers 1 is een groot goed, maar kan in ‘bijbelgetrouwe’ kring ook pijnlijk worden als het geldt voor ieder denkbaar terrein van het leven. Zeker als oordelen kracht worden bijgezet met woorden als: ,,De Heer heeft mij dit in mijn hart gegeven.’’ Dan moet je echt gaan oppassen.

donderdag 3 september 2009

Leeuwarder processie

Ik zag het al helemaal voor me: wapperende kazuifels, wolken wierrook, schitterend edelmetaal, begeleid door stemmige muziek en zang. Ergens in de zestiende eeuw is er voor het laatst een echte processie door de straten van Leeuwarden getrokken. En het leek er enige tijd op dat het zondag 14 september weer zou gaan gebeuren.
Op die zondag eindigt in het Historisch Centrum Leeuwarden een expositie over de geschiedenis van de katholieke schuilkerken in de stad. De grootste schat van die tentoonstelling is een zestiende-eeuws houten Mariabeeldje, slechts 77 centimeter hoog en beter bekend als Onze Lieve Vrouwe van Leeuwarden.

In de Leeuwarder Titus Brandsmaparochie ontstond het plan om het devotiebeeld, dat al pakweg vijf eeuwen in de stad is, in processie terug te brengen naar de speciale kapel in de Dominicuskerk. Net zoals het voor de Reformatie vele jaren op een jaarlijkse hoogtijdag eerbiedig was rondgedragen in de straten van Leeuwarden.
Nu weten de meeste inwoners van de stad niets meer van dit beeldje, maar de zestiende-eeuwse Leeuwarders konden je allemaal haarfijn uitleggen dat Onze Lieve Vrouwe mirakels kon verrichten en dat de stad een stuk slechter af zou zijn zonder haar bescherming en voorspraak. Het beeldje was een trekpleister van jewelste.

Te elfder ure besloot de verantwoordelijke commissie om de processie niet door te laten gaan. ,,We doen het goed, of we doen het niet.’’ En een processie goed doen, daar kwam nogal wat bij kijken. Je trommelt bijvoorbeeld niet zo maar een fanfarekorps op dat met de juiste tred en met de juiste muziek de gelovigen en Onze Lieve Vrouwe kan voorgaan.
Zondag 14 september zal het Mariabeeld wel tijdens een traditioneel Marialof in een processie ín de Dominicus worden rondgedragen. Maar voor het eerst sinds 1580, toen Friesland voor Oranje en het protestantisme koos, een processie over de openbare weg, dat fotomoment laat nog even op zich wachten. Volgend jaar, belooft de commissie.

woensdag 2 september 2009

Website

Een beetje kerkelijke gemeente heeft een eigen website. Er is altijd wel een handige broeder die iets aardigs op internet kan opzetten en dat gebeurt dan ook bij veel kerken. De meeste mensen zien ook wel het nut van zo’n site: door de juiste informatie gebruikersvriendelijk door te geven, kun je door zo'n digitaal voorportaal de drempel van het echte kerkgebouw mogelijk verlagen.

Maar ook bij het vullen van zo’n webadres lopen leer en leven niet altijd in de pas. Zo’n site moet wel actueel gehouden worden en onder de door de handige broeder leuk bedachte knoppen, moet wel iets zinvols komen te staan. Want anders ben je eventuele geïnteresseerde bezoekers ook zo weer kwijt.
Bij menig website-opzettende broeder is er sprake van enige mate van frustratie. Want in de praktijk werkt lang niet iedereen mee. Leden van allerlei commissies en werkgroepen gaan er in de praktijk bijvoorbeeld vaak van uit dat iemand anders de site van informatie zal voorzien.

Deze week keek ik uitgebreid op zo’n kerkelijk website en die zag er prachtig uit, compleet met video’s van alle recente kerkdiensten. Ik wil de site wel noemen om de maker ervan te eren, maar tegelijk wil ik ook de vinger leggen bij het feit dat diezelfde websitebouwer wel erg duidelijk laat merken dat het gebrek aan medewerking hem bitter tegenvalt. Dus ik laat het webadres achterwege.
Onder het tabblad ‘Gemeenteleven’ kúnnen de uiteenlopende groepen en commissies zich voorstellen. Dat gebeurt onvoldoende, zo blijkt uit een paar vetgezette regels: ,,Ondanks vele toezeggingen van een aantal commissies, hebben deze commissies nog niets aangeleverd voor de website. Een aantal van deze commissies zal dan ook binnenkort van deze website worden verwijderd.’’

En onder het portret van een van de predikanten staat: ,,Wij hopen dat ds. XXX (die X’en zijn van mij, WS) zich z.s.m. wil voorstellen aan u…’’ De frustratie van de beheerder van de site valt te begrijpen: nu krijgt de gemeente zo’n mooi instrument in handen en dan wordt er zo beroerd gebruik van gemaakt! Maar zulke mededelingen zijn echt reclame voor de kerkgemeenschap. Blijkbaar is zijn irritatie terecht en lezen de broeders en zusters die site echt slecht, want anders zouden dat soort mededelingen toch wel verdwijnen.

dinsdag 1 september 2009

Blinde vlek


Het is een verschijnsel dat me altijd blijft verbazen: er gaan nog altijd hele volksstammen naar kerk en moskee en religie is mede daardoor nog altijd een factor van betekenis in de samenleving, maar desondanks hebben de meeste media geen specialisten rondlopen die nauwlettend volgen wat er zich allemaal op het kerkelijke erf afspeelt.
Vanzelfsprekend zijn er specialisten die alles afweten van sport, van onderwijs, van gezondheidszorg, van economie of van cultuur. Daar is geen enkele discussie over. Natuurlijk heb je als krant zulke mensen in dienst. Anders mis je essentiële zaken en kun je jezelf geen complete krant noemen.

Gisteren meldde ik dat de LC een bijzondere krant is. Je kunt de stelling verdedigen dat het niet zo is dat de Ljouwerter het zo goed doet, maar dat andere, algemene kranten vaak een blinde vlek hebben als het gaat om ‘geestelijk leven’. Ook zij zullen veel lezers hebben voor wie religie een essentieel deel van het leven vormt. In het land der blinden…
Ok, toegegeven, het ligt iets genuanceerder. Je mag van een beetje redactie verwachten dat die al het belangrijke nieuws dat voorbij komt, goed oppakt. Maar daar zit ‘m de kneep: wat is belangrijk? Je moet om te beginnen al weten dát iets speelt en vervolgens moet je weten dat het bewuste feit voor een bevolkingsgroep van groot belang is.

Het is waar, veel religieuze groeperingen zullen niet de snel de publiciteit zoeken. Maar daarbij speelt echter ook mee dat nogal wat mensen in het verleden hun neus hebben gestoten. Vaak werden zaken niet opgepakt, of dat gebeurde zo beroerd, dat ze niet nog eens een poging zullen wagen. Geen bericht, goed bericht.
Overigens heeft de blinde vlek voor religie soms ook een voordeel. Opeens kan iets nieuws worden, omdat een enthousiaste verslaggever iets tegenkomt dat hij als niet-specialist niet kent. Zo haalde deze zomer de huis-aan-huisuitnodiging van Jehovah’s Getuigen voor hun congressen uitgebreid de media, terwijl zo’n uitnodiging al jaren massaal wordt verspreid.

maandag 31 augustus 2009

Bijzonder


Je steekt niet de loftrompet over eigen werk. Zegt men. Ik geloof niet dat er zoiets is als een calvinistische volksaard, maar ik wil wel geloven dat in zo’n zegswijze iets calvinistisch doorklinkt. Zelfliefde is de kerkgeschiedenis door een lastig onderwerp gebleken, zeker voor hen die geloven dat we geneigd zijn tot alle kwaad.
Maar goed, dit slechts terzijde. Terug naar de loftrompet. En die wil ik toch wel eens steken over de krant waarvoor ik dagelijks mag werken. Er is immers niets mis met gezond zelfrespect, zeker in een tijdsgewricht waarin het gedrukte nieuwsmedium niet echt de wind mee heeft.

Zoals je in het Nederlands onderwijs bijzondere scholen hebt, zo wordt er ook wel over bijzondere kranten gesproken. En dan gaat het over kranten met een christelijke signatuur. Te beginnen natuurlijk met het Friesch Dagblad en vervolgens het Nederlands Dagblad, Reformatorisch Dagblad en, vooruit, Trouw.
Toen een tijd geleden Kerkinformatie, het orgaan van de Protestantse Kerk in Nederland, een (korte) serie maakte over de bijzondere kranten, merkte mijn gewaardeerde collega Wiebe van der Hout op: ,,Ik ben benieuwd wanneer ze ons gaan bellen. Want een algemene krant die structureel aandacht besteedt aan kerk en religie, is pas echt bijzonder.’’

Dat telefoontje is nooit gekomen. En dat is toch jammer. Want ook al wordt er geregeld gemopperd - ook dat hoort bij onze volksaard, en nee dat is niet calvinistisch - op deze krant, de Leeuwarder Courant is ook na alle veranderingen die bij een bijdetijdse krant horen, de enige algemene krant die op zo’n uitgebreide manier stilstaat bij ‘geestelijk leven’.
Even een paar voorbeelden waarvoor ik echt niet ver in het krantengeheugen hoef te graven. In zijn laatste hoofdartikel citeerde vertrekkend hoofdredacteur Rimmer Mulder zaterdag uitgebreid de oudtestamentische Prediker en elders op de voorpagina opende de krant met een artikel over een opmerkelijk kerkelijk project.

Of de krant van vandaag. Daarin is weer uitgebreid aandacht voor dat ‘geestelijk leven’, inclusief de immer van christelijke levensbeschouwing doordrenkte column van oud-hoofdredacteur Jacob Noordmans, die woorden als ‘Hosanna’ niet schuwt. Wiebe van der Hout heeft gelijk: zo’n krant ís bijzonder.

zaterdag 29 augustus 2009

's HEREN zegen


Veel psalmen worden in de kerken vrijwel nooit gezongen - vaak om de weerbarstige melodie - terwijl er ook een soort ongeschreven Greatest Hits bestaat. Tot de psalmen die uit volle borst massaal worden gezongen hoort Psalm 134, met name het derde vers dat begint met de bekende woorden: Dat ‘s HEREN zegen op u daal’.
Het is een psalmvers dat geschikt is, en ook dankbaar gebruikt wordt, voor vele feestelijke en bijzondere gelegenheden: bij een kerkelijke huwelijksbevestiging terwijl het paar geknield voorin de kerk zit, bij de doop, bij de bevestiging van ouderlingen en diakenen en bij de komst of het vertrek van een predikant.

Met een verwijzing naar die laatste, nog altijd vaak plechtige gelegenheid sloot onze vertrekkende hoofdredacteur Rimmer Mulder gisteren zijn laatste mailtje aan ‘zijn’ LC-redactie af met de bovengenoemde zegenbede uit Psalm 134. Fraai nietwaar?
Tot mijn genoegen bleken verschillende collega’s dit psalmvers uit de berijming van 1773 goed te kennen. ,,Dat heb ik vaak gezongen.’’ En: ,,Ik voel direct de kerkbank weer.’’ Ziedaar, het bewijs dat de 134e psalm echt tot de favorieten van het kerkvolk hoorde en hoort.

Psalm 134 is ook interessant als het gaat om de weerstand in zwaardere kerkelijke kringen tegen het gebruik van ‘menselijke’ gezangen. Psalm 134 is een fraai voorbeeld hoe met de berijming van 1773 via een achterdeur in feite de gezangen al de kerk binnenkwamen.
Ik zal dat uitleggen. De psalm hoort met slechts drie verzen tot de kortste uit het bijbelboek Psalmen en die kleine psalmen stelden de berijmers, die blijkbaar niet van erg beknopte liederen hielden, voor een probleem. Dat hebben ze opgelost door allerlei informatie aan de Bijbeltekst toe te voegen.

In de bijbel (Statenvertaling, die ze in 1773 natuurlijk gebruikten) luidt het derde vers van Psalm 134: ‘De HEERE zegene u uit Sion, Hij, Die den hemel en de aarde gemaakt heeft.’
In de berijming zijn die paar woorden op eens flink uitgedijd:
Dat ’s HEREN zegen op u daal’,
zijn gunst uit Sion u bestraal’
Hij schiep ’t heelal, zijn naam ter eer:
looft, looft dan aller heren HEER!

Met zulke ‘buitenpsalmse’ toevoegingen is weinig mis; het is allemaal erg bijbels. Maar dat geldt ook voor veel gezangen. Het relativeert, zou ik denken, het verzet tegen de gezangen. Zo’n berijmd vers is toch beslist een soort ‘psalmgezang’ te noemen. En nog altijd een bijzonder mooie, zeker ook in een mailtje van een hoofdredacteur.

vrijdag 28 augustus 2009

Dialoog met islam

Een groep predikanten van links tot rechts binnen de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) het aangedurfd: vraagtekens zetten bij de dialoog met de islam. In een open brief aan de synode hebben zij hun zorgen verwoord.
De PKN werkt aan een nota waarin wordt ingegaan op de vraag of kerk en moskee in voorkomende gevallen gezamenlijk kunnen optrekken. Om bezinning op dit punt is gevraagd door de Wereldraad van Kerken, in reactie op de oproep ‘A common word’ (‘Een gemeenschappelijk woord’) van een internationaal gezelschap moslimgeleerden in 2007 - na een relletje met de paus.

Een prachtig idee, zeggen de opstellers van de open brief. Zij vinden het ook van het grootste belang ,,dat moslims en christenen overal ter wereld oprecht met elkaar in gesprek treden’’. Maar ze zijn ook kritisch, want ,,welke concrete stappen worden er in de islamitische wereld genomen om het recht op daadwerkelijke godsdienstvrijheid te garanderen’’.
Ze schrijven verder: ,,Zolang in de landen van tal van ondertekenaars van ‘Een gemeenschappelijk woord’ mensen worden vervolgd omdat ze publiekelijk getuigen van hun christelijk geloof of omdat ze vanuit de islam tot de christelijke kerk toetreden, is een oproep aan ons adres tot wederzijdse welwillendheid niet volledig geloofwaardig.’’

De strekking van de open brief is nauwelijks kerkpolitiek correct. Het is echter wel een reëel punt. In een reeks moslimlanden zijn christenen tweederangs burgers en vaak is er sprake van regelrechte discriminatie of verdrukking. Het is een onderwerp dat ten gunste van de dialoog met vaak meer verlichte moslims gemeden wordt.

donderdag 27 augustus 2009

Brood dopen

Het is misschien een goed teken wanneer je als redacteur geestelijk leven nog altijd verbaasd kunt worden door wat kerken doen en laten.
Dat is in ieder geval zo bij het gedoe rond het avondmaal en de Mexicaanse griep. Neem de Protestantse Gemeente te Heerenveen. Die bood in twee kerken bezoekers al de optie om naast de ene, gezamenlijke avondmaalsbeker een eigen bekertje wijn nemen. Uit logistieke overwegingen, zo zegt de kerkenraad, zal in de Kruiskerk binnenkort alleen avondmaal gevierd worden waarbij het brood in de wijn wordt gedoopt. De kerk wil met de maatregelen voorkomen dat mensen uit angst van besmetting zich van het avondmaal onthouden.

Beide alternatieven (kleine bekertjes, brood dopen in wijn) worden ook genoemd in de richtlijnen van de Protestantse Kerk in Nederland. Dat dergelijke maatregelen slechts schijnzekerheden bieden, schreef ik hier laatst al. Ik kreeg daarop een reactie van iemand die niet de Leeuwarder Courant (LC) leest en graag wilde dat ik dat zou onderbouwen. Ik heb hem daarom het artikel ‘Drink allen hieruit’ uit de krant van 22 juni gemaild. Terzijde: via archiefleeuwardercourant.nl zijn via de knop 'Gericht zoeken' eenvoudig alle LC-artikelen uit de afgelopen 256 jaar te raadplegen. Een unieke site, beslist de moeite waard om eens in te grasduinen.

In dit verband is vooral het onderzoek van de Amerikaanse wetenschapper Anne LaGrange Loving interessant. Hier vindt u een artikel van haar hand, voor wie mij niet zo maar wil geloven. Daarin valt onder meer te lezen dat het dopen van het brood in de wijn helemaal niet zo hygiënisch is als veel mensen denken. Geregeld raken vingers de wijn en het resultaat is dat de wijn op den duur zelfs poepbacteriën bevat. Het gedoopte brood werkt als een spons, dus… Overigens is haar conclusie: het is misschien vies, maar niet echt risicovol. Dat kan zijn, maar mij zult u niet zien dopen.

woensdag 26 augustus 2009

Jezuscampagne

Het imago van de kerken is niet goed. Dat van Jezus veel beter. Dus wanneer je als kerken een reclamecampagne wilt lanceren, dan kun je beter hem de hoofdrol geven. En dat doen ze in Australië met de campagne ‘Jesus - all about life’.
De multimediale campagne van het nationale bijbelgenootschap gaat maandag 7 september van start in Sydney en New South Wales en het is de opzet dat christenen dat gebruiken als kapstok om in hun directe of digitale omgeving te getuigen.

Affiches, internetacties, reclames op tv. En, niet onaardig, ook de ute wordt ingezet. Dit utility vehicle van het merk Holden, dat het midden houdt tussen een pick-up en een racewagen, is razend populair in Australië.
De kerken down under hebben een imagoprobleem. Van de kleine 22 miljoen Australiërs is de meerderheid - 13 miljoen - lid van een kerk. Slechts 8 procent van hen gaat echter geregeld naar de kerk. Dat is wel een heel slechte score.

De campagne was al eerder in andere delen van Australië. En het heeft geleid tot een agressieve tegencampagne, ‘Jesus - all about lies’. Degenen die daar achter zitten, is er alles aan gelegen om die andere actie te torpederen. Zij gebruiken heel slim als webadres jesusallaboutlife.com, dat wel erg lijkt op jesusallaboutlife.com.au, van de originele campagne.

Wie per ongeluk op die eerste website uitkomt, heeft al snel door dat-ie verkeerd zit. Het is allemaal weinig subtiel: ,,Doodziek van al die irritante pogingen om jouw ziel te redden?’’ De christenen die nog durven getuigen, staat wat te wachten.

dinsdag 25 augustus 2009

Spiritueel misbruik

Er is een nieuw boek van klinisch pyschologe Aleid Schilder, ‘Spiritueel misbruik’. In de krant van gisteren besteedde ik er ruim aandacht aan. Schilder werd ruim twintig jaar geleden bekend door haar eerste boekje ‘Hulpeloos maar schuldig’, waarin ze er op wees dat de gereformeerde leer tot depressie kon leiden. Ik noemde het hier al eens.
Sinds de verschijning van ‘Hulpeloos maar schuldig’ heeft Aleid Schilder, klinisch psychologe, veel aan de weg getimmerd en ze groeide uit tot een van de gezichten van de Nieuwe Tijdsbeweging. In deze New Age, zo geloven velen, krijgen steeds meer mensen een lijntje met het hogere en groeien spirituele inzichten.

Maar, er is ook veel kaf onder het koren van deze moderne verlichting. Vaak vloeit daar geen bloed uit, maar er komen ook wel ongelukken voor. Het is oppassen geblazen wanneer mannen of vrouwen met goddelijke gezag gaan spreken en hun door- en ingevingen worden tot een juk of dwangbuis van degenen die zulke lieden hoog achten.
Dat van buitenaf kritisch gekeken wordt naar de Nieuwe Tijdsdenkers ligt voor de hand. Maar kritiek vanuit eigen kring is interessanter. En in ‘Spiritueel misbruik’ levert Schilder forse kritiek. Zoals ze dat jaren geleden ook al in een artikel deed, waarin ze wees op de mate van ‘religieuze verleidbaarheid’ van veel mensen.

Dat is wat bij mij vooral bij het lezen van ‘Spiritueel misbruik’ bleef haken. Het zijn niet de kneusjes die uiteindelijk als een blok vallen voor goeroes, paragnosten of sekteleiders. Eén van de slachtoffers in het boek is zelfs cum laude afgestudeerd. Wat de slachtoffers wel als gemene deler hebben is dat ze zoekend en kwetsbaar zijn.
Het is lastig inschatten hoe omvangrijk het misbruik is dat Aleid Schilder aan de kaak stelt. Er is schaamte, er is ongeloof (Schilder: ,,Zelfs ik geloofde af en toe mijn ogen en oren niet’’) en er is veel stiekem gedoe. Tot op heden deed ook de overheid luchtig over de gevaren van Nederlandse sekten. Het ligt in ieder geval weer even op tafel.

maandag 24 augustus 2009

Wereldraad


Over twee dagen komt het centraal comité (breed bestuur) van de Wereldraad van Kerken (WvK) weer voor een week bijeen. In Genève, in het kantoor van de WvK, het grootste oecumenische platform van de wereld.
Er was ooit een tijd dat er nogal wat kerknieuwsredacteuren afreisden naar de zittingen van het centraal comité. Ook ik ben er een aantal keren geweest. Helaas besloot de WvK juist toen ik deze functie bij de Leeuwarder Courant kreeg om de vergaderingen wegens de kosten nog louter in Genève te beleggen. Ik was wat jaloers op mijn voorganger, die wel in allerlei boeiende plaatsen als bijvoorbeeld Moskou was geweest.

Tijdens deze zitting van het centraal comité moet een opvolger voor de secretaris-generaal worden gekozen. Zeg maar het gezicht en de stuurman van de WvK. In een nog niet zo heel ver verleden was alleen dat al reden genoeg om met een clubje Nederlandse journalisten af te reizen. Maar dat gebeurt niet meer.
Waarom niet? De belangstelling van de gemiddelde kerkelijke lezer voor wat er allemaal binnen de Wereldraad gebeurt, is sterk afgenomen. Ik denk niet dat veel mensen weten wie de huidige secretaris-generaal is. De naam Sam Kobia zegt heel weinig mensen nog iets. En niet veel mensen zullen zich de komende dagen woelend in bed afvragen wie zijn opvolger wordt.

De afnemende belangstelling voor de Wereldraad staat niet op zichzelf. Er is steeds minder interesse voor kerkelijke instituties. En er is ook een sterk afgenomen belangstelling voor de oecumene. Daar komt nog bij dat de onderwerpen die de raad bespreekt, weinig relevant lijken. De tijd ligt inmiddels achter ons dat de WvK de Apartheid veroordeelde, of Shell.
Wie toch wel iets van de zitting in Genève wil meekrijgen, kan goed terecht op het weblog van de Nederlandse afgevaardigde, Marloes Keller. Daar valt nu al te lezen wat ze - op verzoek van Genève - de belangrijkste kwesties voor de Nederlandse kerken vindt: de discussie over de scheiding van kerk en staat, de opkomst van Wilders en het ‘religieus analfabetisme’.

zaterdag 22 augustus 2009

Enge club


Het zal niet de bedoeling van de makers geweest zijn, maar op de plaatjes die ik gisteren bij mijn weblog had staan, is door sommigen in mijn omgeving met ongeloof gereageerd. ‘Zijn die echt?’ Ja, die zijn echt. Ze komen uit kleine stripboekjes die als evangelisatiemateriaal verspreid worden.
‘Dat is zeker een heel enge club?’ Nou ja, de naam waarnaar degenen luisteren die deze boekjes aan de man brengen, is in dit verband interessant. Ze hebben ‘bijbelgelovende’ voor hun soortnaam staan. Dat is nogal pretentieus. Het laat zich immers lezen alsof de anderen die naar dezelfde soortnaam luisteren, niet in de bijbel geloven. Na een ontmoeting met een paar evangeliserende leden van deze groep weet ik ook dat het zo gelezen moet worden.

Deze club is niet de enige groepering die zulke pretenties heeft. Naast de Evangelie Gemeenten bestaan er ook Volle Evangelie Gemeenten. Dat wil dus zeggen dat die anderen niet de bijbel juist geloven of brengen. Ze hebben in het beste geval een halfvolle interpretatie daarvan of, en als ik de leden van Volle Evangelie Gemeenten goed heb begrepen, vooral een magere visie op Gods Woord.
Dus ja, dat zijn enge clubs. ‘Eng’ in de betekenis van ‘nauw’. Het luistert nauw, precies of exact hoe de goddelijke waarheid wordt geïnterpreteerd. En dat sluit weer mooi aan bij de plaatjes van gisteren. De verblinde mensen - en dikke kans dat daar ook degenen bij horen die niet ‘bijbelgelovende’ voor hun soortnaam hebben staan - volgen de brede weg die tot het eeuwig verderf leidt, maar degenen die het goed begrepen hebben kiezen de nauwe, enge weg.

‘Elke ketter heeft zijn letter’ is een waarheid die ook door engdenkende gelovigen wordt onderschreven. En dan gaat het natuurlijk altijd over de ander. Onder degenen die zo exclusief denken, moeten een aantal paar spookrijders zitten. U weet wel, uit dat grapje van die man die op de radio hoort dat je op de A6 een spookrijder tegemoet kan komen. De man kijkt om zich heen en denkt: ‘Eén spookrijder? Ik zie er wel honderd!’
De uitermate grote gevarieerdheid van kerkelijke groeperingen is natuurlijk wel leuk voor een redacteur geestelijk leven, maar het vormt wel een gezamenlijke schuld van al die kerken. Het leidt tot schimpscheuten van de buitenwacht. Precies zoals Jezus in zijn bekende hogepriesterlijke gebed in Johannes 17 voorzag toen hij bad: ‘Laat hen allen één zijn, Vader …opdat de wereld gelooft dat u mij hebt gezonden.’

Er zijn er die dit probleem denken op te lossen door te zeggen dat uiteindelijk allen die ene God dienen. Maar zoveel ruimte is ook tamelijk eng.

vrijdag 21 augustus 2009

Naar de hel


Er zijn in Nederland nog honderdduizenden christenen die geloven dat er een hel is. En die geloven, zoals ik gisteren schreef, dat het er op aan komt welke keuzes je nu maakt. De meesten hoor je er niet over. Alleen heel, zoals anderen zeggen, ‘fundamentalistische’ christenen zullen in een gesprekje dat ze op straat aanknopen, waarschuwen dat je met een goddeloze houding afstevent op die eeuwige bestemming. Ik ken hier in Friesland een paar groepen die dat doen, maar het zijn er volgens mij niet veel meer.

Steeds meer christenen die geloven dat er een hel is, durven dat soort uitspraken niet meer te doen. Ze zeggen - vaak uit verlegenheid - dingen als: ‘Dat is niet aan ons, dat is Gods beslissing.’ Ik ken niet-christenen die zich daar aan ergeren. ‘Dat is goedkoop, zoveel weet ik nog wel van de bijbel dat je me hoort te waarschuwen.’ En er zijn er die tegenwerpen: ‘Ga me niet vertellen dat iemand die zijn hele leven als goed mens heeft geleefd, maar God niet diende of kende, naar de hel gaat.’

Ik moest aan dat laatste denken, toen ik gisteren Matteüs 25 linkte aan dat verhaal over de wijze en dwaze maagden - ik doe het hier nog maar eens. Bij vers 31 begint de bekende passage waarin Jezus vertelt over het oordeel van God als koning over de mensen, over hoe hij als Herder de schapen van de bokken scheidt. Het criterium is niet of je op aarde trouw naar de kerk ging, maar om wat je deed voor de verdrukten. ‘Ik was naakt, en jullie kleedden mij. Ik was ziek en jullie bezochten mij…’

Interessant is hoe degenen die door Jezus als ‘rechtvaardig’ worden bestempeld, reageren. Ze zijn oprecht verbaasd, alsof ze ontdekken dat er toch echt een God is die ze ook nog eens hebben gediend. ‘Wanneer hebben wij u hongerig gezien?’ Etc. En dan het antwoord: ‘Alles wat jullie gedaan hebben voor een van de onaanzienlijksten van mijn broeders of zusters, dat hebben jullie voor mij gedaan.’ Christenen, denk ik dan, zullen niet zo verbaasd reageren. Ze weten immers uit de bijbel dat dit verwacht wordt en komen zal.

donderdag 20 augustus 2009

Alverzoening


Een kwestie die de hele kerkgeschiedenis door blijft opduiken, is de leer van de alverzoening. Mensen gaan niet naar de hel. God verzoent zich uiteindelijk met allen. Degenen die wel volhouden dat er een hel is, zijn verantwoordelijk voor onnoemelijk veel zielensmart en -strijd.
Het is een heet hangijzer en wordt aan de orde gesteld in een mailtje dat ik kreeg naar aanleiding van wat ik gisteren schreef: ‘Allen die Christus navolgen gaan toch naar de hemel?’ Dat is wel erg benepen van God, aldus de schrijver. ,,Zijn liefde is groter.’’

Ik haal me waarschijnlijk iets op de hals, maar ik sta vandaag toch maar eens stil bij de eeuwige verdoemenis. Dat kwam overigens ook zijdelings ter sprake in mijn krantenverhaal over de Jehovah’s Getuigen maandag, want die geloven niet dat er een hel is.
Er wordt wel eens gedaan alsof er een verschil zit tussen de oudtestamentische en nieuwtestamentische God. De eerste zou een wrede God zijn, de tweede een van Liefde, op ultieme wijze voorgeleefd door Jezus. En daar past geen hel bij.

Over die gedachte heb ik me altijd wat verbaasd. Als er iemand in de bijbel is die keiharde uitspraken doet over de gevolgen van degenen die niet voluit voor God kiezen, dan is het Jezus wel. Hij spreekt zich daar niet een keertje over uit, hij doet dat regelmatig.
Neem het verhaal van de rijke man die vanuit het dodenrijk ziet hoe de bedelaar Lazarus in de hemel aanzit. Of het verhaal van de wijze en dwaze maagden die op de komst van de bruidegom wachten. Als die laatste meisjes eindelijk weer olie hebben voor hun lampen en bij de feestzaal aankomen, zegt de bruidegom bij de deur: ‘Ik ken jullie werkelijk niet.’

Jezus spreekt op een reeks plaatsen van de plaats ‘waar de wormen blijven knagen en het vuur niet dooft’ en van de ‘uiterste duisternis, waar men jammert en knarsetandt’. Dat zal ongetwijfeld beeldspraak zijn, maar toch niet het soort beeldspraak waaruit je mag opmaken dat er sprake zal zijn van een alverzoening.
De leer dat iedereen eeuwig gelukzalig zal zijn, ligt prettig in het gehoor. Maar je moet wel erg creatief en selectief met de bijbel omspringen, om die overeind te houden.

woensdag 19 augustus 2009

Drama


Een drama in Kampen. Vier jongetjes zijn tijdens een woningbrand op zolder in hun bed omgekomen. Het ging om een gezin met vijftien kinderen en wat zich liet raden, bleek al spoedig uit het feit dat een aantal van de kinderen op de scholengemeenschap Pieter Zandt zitten: de familie hoort tot de zogenaamde gereformeerde gezindte.

Opmerkelijk was hoe een buurvrouw tegen een radioverslaggever haar verhaal deed. ,,Was er sprake van paniek?’’ Nee, en frank en vrij vertelde ze hoe de gezinsleden die het huis ontvlucht waren op straat samen hadden gebeden. Veel Nederlanders kunnen zich er nauwelijks iets bij voorstellen. Maar ze bestaan nog steeds, zulke gezinnen.

Nieuwe aarde


Het einde van de wereld is zeer nabij. Maar Armageddon valt te overleven. Hoe? De instructies daarvoor hebben Jehovah’s Getuigen wereldwijd op hun districtscongressen gegeven. Over die instructies tijdens het congres voor Noord-Nederland, afgelopen weekend in Thialf in Heerenveen, heb ik maandag in de krant uitgebreid verslag gedaan.
Daar wil ik het dan ook hier niet over hebben. Wel over het feit dat de Jehovah’s Getuigen uitgesproken opvattingen hebben over wie straks de hemel en de aarde zullen bevolken. Het is misschien een schok voor sommigen maar de hemel is, kortweg, vol. De gelovigen die zich daar bevinden, zullen samen met Jezus regeren over de vernieuwde aarde.

De Jehovah’s Getuigen geloven dat de 144.000 getuigen die in Openbaringen worden genoemd, deel uitmaken van de hemelregering. Zij nemen dat getal letterlijk en dat aantal gelovigen is reeds verzameld. Voor velen uit andere kerken is dit onbestaanbaar. Huh, allen die Christus navolgen gaan toch naar de hemel?
Nee, zeggen de Jehovah’s Getuigen. De trouwe gelovigen van vandaag zullen straks de aarde beërven. Daar zal onder die hemelse regering een paradijselijke toestand heersen. En zij hebben absoluut een punt. Aan het einde van de bijbel, in Openbaringen 21, wordt immers uitgebreid gesproken over een nieuwe hemel én een nieuwe aarde.

Er is iets geks aan de hand met die nieuwe aarde. Wereldwijd belijden christenen van allerlei signatuur dat er behalve een nieuwe hemel ook een nieuwe aarde zal komen. Maar zelfs van degenen die zichzelf als ‘bijbelgetrouw’ zien, is zelden een fatsoenlijke uitspraak te ontlokken over hoe het dan zit met die nieuw aarde.
De eeuwigheid, zo valt te beluisteren, zal worden doorgebracht in de hemel. Ja, maar hoe zit het dan met die nieuwe aarde? De enigen die ik tot op heden daar snel en duidelijk een antwoord op heb horen geven, zijn Jehovah’s Getuigen. Voor vele anderen is straks de hemel vol en zal de nieuwe aarde voor eeuwig leeg zijn.

dinsdag 18 augustus 2009

Mammon

Nederlanders waren in de ban van de jackpot van de Staatsloterij van €27,5 miljoen die gegarandeerd zou vallen. Toen die op één vijfde staatslot viel, was het huis te klein. Misleiding!
In Italië is het nog een graadje erger. De SuperEnalotto, waarvoor deze week de winnende getallen worden getrokken, heeft een hoofdprijs van maar liefst een kleine €139 miljoen. Busladingen buitenlanders kwamen de grens over om ook loten in te slaan.

Onder anderen kerkleiders in Italië spreken hun afschuw uit over de gekte. Zij herinneren aan het feit dat in de bijbel wordt gewaarschuwd voor Mammon, de god van het geld. Bisschop Domenico Sigalini noemt het immoreel van de overheid, die in een half jaar tijd een miljard aan de goklust zou hebben verdiend. ,,Geld in plaats van God wordt aanbeden. Het is algemeen bekend dat lottowinnaars er vaak slechter aan toe waren dan er voor.’’ Dat laatste wordt vaker gezegd. Veel mensen denken dan - ik zelf ook: dat probleem wil ik wel eens meemaken.
Ook gingen er in de katholieke kerk stemmen op om geen prijzen uit te keren en in plaats daarvan al het geld te bestemmen voor de tienduizenden die dakloos waren geworden na de aardbeving in de Abruzzen.

De weerzin voor de aanbidding van de afgod Mammon - die volgens bijbelvaste onheilsprofeten achter de kredietcrisis zit - is zelfs afgenomen in kringen waarin de loterij generaties lang uit den boze was. Het Rad van Fortuin is al jaren een vast onderdeel op rommelmarkten in gereformeerde kerken, die gesticht zijn door mensen die hadden gegruwd bij het idee van zo’n kansspel. Er waren ook in de afgelopen jaren verhalen van mensen uit ‘zware’ kerken die in de prijzen vielen, waarna ze onder kerkelijke tucht werden gezet.

Jezus had daar al voor gewaarschuwd, in het verhaal over de ‘rijke jongeling’ die verslagen afdroop toen hij te horen kreeg dat hij alles moest weggeven wat hij bezat. ‘Het is makkelijker dat een kameel gaat door het oog van de naald, dan dat een rijke het koninkrijk Gods binnengaat.’
Er is wel eens een gelovig echtpaar op tv geweest dat het hele gewonnen kapitaal van, ik meen de Postcodeloterij, aan goede doelen had geschonken. Dat is een geestelijk huzarenstukje dat maar weinigen hen zullen nadoen.

zondag 16 augustus 2009

Laster


Op deze plek schreef ik al eens eerder dat het hele leven zich beweegt tussen Spreuken 26 vers 4 en Spreuken 26 vers 5, bij voorkeur in de bijbelvertaling van 1951. Vers 4: ‘Antwoord een zot niet naar zijn dwaasheid, opdat gijzelf hem niet gelijk wordt.’ En vers 5: ‘Antwoord een zot naar zijn dwaasheid, opdat hij niet wijs zij in eigen oog.’

De katholieke bisschop Gerard de Korte van Groningen-Leeuwarden heeft een tijd aangezien hoe er op internet wordt gereageerd op de manier waarop hij geregeld zijn nek uitsteekt. Bijvoorbeeld als ondertekenaar van het Manifest voor christelijke eenheid en, onlangs, in een bijdrage voor de Raad van Kerken over de onmogelijkheid op dit moment om als katholiek en protestant samen aan te gaan aan de tafel des Heren.
Ik vermoed dat hij geruime tijd zichzelf het 4e vers van Spreuken 26 voor ogen heeft gehouden. Maar nu is de maat vol en neemt hij vers 5 als richtlijn. Hij schreef een column voor het Nederlands Dagblad, die ook op de website van het bisdom staat, onder de kop: ‘Heilzame wacht bij tong en toetsenbord.’ Naar onder meer een befaamd vers uit Psalm 141: ‘Zet een wacht voor mijn mond, Heer.’

De bisschop is teleurgesteld over het niveau van reacties en discussies over religieuze kwesties op ,,kerkelijke websites en blogs’’. Ik citeer het laatste deel van zijn openhartige column:
,,Opvallend is dat menig kerkelijk ambtsdrager tegenwoordig niet zozeer van links, maar juist van rechts de wind van voren kan krijgen. In naam van rechtzinnigheid wordt de goede naam van mensen beschadigd. Het is tragisch hoe een harteloze variant van orthodoxie, vanuit boosheid en frustratie, het hart van het evangelie, het liefhebben van de medemens als beelddrager Gods, lijkt te vergeten. Verbitterde, verzuurde mensen zien alles met sombere ogen en dreigen hoopvolle ontwikkelingen in de kerk over het hoofd te zien.’’

,,Natuurlijk zijn er tal van zaken in kerkelijk Nederland waar gelovigen zorgen over hebben. Er is veel rijkdom verloren gegaan en de krimp van veel parochies en kerkelijke gemeenten maakt ook mijzelf bezorgd. Al jaren breng ik de sprakeloosheid van veel katholieken ter sprake. Velen drinken niet of nauwelijks uit de rijke bronnen van de kerk.’’,,Het is echter altijd goed om te beseffen dat blijde ogen dezelfde werkelijkheid anders zien dan droevige ogen. En het is volstrekt onvruchtbaar om voor complexe maatschappelijke ontwikkelingen, zoals de ontkerstening van onze cultuur, zondebokken te zoeken. Juist orthodoxe christenen zouden weet moeten hebben van het verschil tussen kritiek en laster.’’

,,Opbouwende kritiek kan, zeker ook binnen de christelijke gemeenschap, heilzaam zijn. Maar respectloze laster is echt een brug te ver. Je kunt niet opkomen voor de eer van God en ondertussen medemensen met kwaadsprekerij en suggestieve opmerkingen beschadigen. In die zin wil ik pleiten voor een heilzame wacht bij onze tong en bij het toetsenbord van onze computers. Eerst even nadenken voordat giftige boodschappen, die de kerkelijke zaak geen goed doen, de wereld worden ingezonden.’’

zaterdag 15 augustus 2009

Inburgering

Inburgering geldt voor iedereen, ook voor predikanten, priesters, imams of wat voor geestelijke dan ook. Postbus51 noemt de ‘geestelijk bedienaren’ expliciet als categorie buitenlanders die in Nederland inburgeringsplichtig zijn.
En dat is een goede zaak. Het is ook vanzelfsprekend. Een geestelijke kan een gelovige alleen maar goed bijstaan wanneer hij dezelfde taal machtig is. Meewarig met je hoofd schudden of een schouderklopje is niet genoeg.

Het katholieke bisdom Groningen-Leeuwarden bracht terecht deze week naar buiten dat er vanaf september maar liefst veertien priesterstudenten zijn. Er is sprake van een stijgende lijn en dat is mooi nieuws in het katholieke Jaar van de priester.
Vermeld werd ook dat er vier Colombiaanse priesterkandidaten zijn. Die werden begin dit jaar door de vorige bisschop, Wim Eijk, naar Nederland gehaald. Maar, het waren er toch vijf? Ja, maar eentje kreeg de Nederlandse taal niet onder de knie en keerde daarom naar huis terug.

Niet alleen de taal is belangrijk om je werk als geestelijke goed te doen. Ook kennis van de cultuur waarin je schapen leven is nodig om als herder goed werk af te leveren. Dat is ook de reden waarom imams moeten inburgeren.
De inburgeringscursus blijkt ook voor imams nogal eens een drempel. Maar zeker voor jonge moslims is het goed dat de geestelijke goed op de hoogte is van de habitat die vaak zo sterk afwijkt van het land waar de ouders of grootouders vandaan kwamen.

Het zou een goede zaak zijn wanneer religieuze groepen ook naar buiten brengen dat geïmporteerde geestelijken niet de inburgeringscursus hebben gehaald. Je laat daarmee zien dat je de vraag van de samenleving serieus neemt. Dat zal het respect en begrip vergroten.