Ook als rubriek op de zaterdagse pagina Spiritualteit in de Leeuwarder Courant

.

donderdag 30 december 2010

Trending

Op de redactie van de LC hebben we gisteren wat gebrainstormd over wat volgend jaar ‘in’ en ‘uit’ is. Voor de laatste podiumpagina van 2010. Dat viel nog niet mee. Uiteindelijk maakte een collega een overzicht met een kwinkslag. Wel zo leuk om te lezen.
Sinds Twitter in de wereld is, is er een nieuwe term voor wat op dat moment ‘in’ is: trending. Gisteren kon ik met geen mogelijkheid bedenken wat er op het religieuze erf echt trending is. Maar vanmorgen bedacht ik zo twee onderwerpen.

De eerste is: vrijuit praten over geloof en religie. Daarbij werd ik geïnspireerd door twee krantenberichten die op Twitter voorbij kwamen. Trouw: ‘Godsdienst mag weer in literatuur’. En in het AD vertelt zanger Thomas Berge vandaag ongegeneerd dat hij weer dagelijks bidt.
Praten over je geloofsovertuiging was al een trend, maar die zet zonder meer door. Gisteravond was op Ned. 1 de veelbekeken terugblik op het WK voetbal met Wesley Sneijder. En iedereen weet van die jongen dat hij eerder dit jaar katholiek is geworden. Bijvoorbeeld.

Zeker, ze zijn er nog, de mensen die zuur en zeurderig doen over het geloof. Maar dat zijn in de regel vervelende vijftigplussers die niet zien dat dit zooooo jaren negentig is. Helaas zitten die nog wel vaak bij de media, zoals Kluun eind 2009 al fijntjes heeft vastgesteld.
Jongeren hebben van dat Maarten ’t Hart-syndroom geen last. En dat is een verademing, hoewel je daarbij wel op de koop toe moet nemen dat velen ook niet gehinderd worden door enige vorm van religieuze kennis. Maar daar hadden veel ouderen ook al ernstig last van.

Een tweede onderwerp dat trending is, is kerksluiting. De komende jaren zullen honderden kerken gesloten worden. Nu valt dat nog mee, maar binnen afzienbare tijd zal er sprake zijn van een soort van een Nationale dijkdoorbraak.
Collega Daniël Gillissen van het Nederlands Dagblad meldde net op Twitter een kerksluiting in Bedum. En een paar dagen terug noemde hij ook al een andere kerksluiting in Amersfoort. Ik reageerde zojuist dat we als kranten straks een apart rubriekje moeten hebben: ‘Kerksluiting’. En dat is geen grap.

Nee, beide trends zijn niet in tegenspraak. Veel mensen belijden hun geloof publiek, maar veelal ook buiten de bestaande kerkelijke structuren. En degenen die wel actief kerkelijk zijn, zitten bij kerkelijke gemeenten die wel groeien - meestal van stevige/evangelische snit.
Het komend jaar zullen zich op beide terreinen geen schokkende zaken voordoen. De trends zetten gestaag door. Maar aan het einde van het nieuwe decennium zal de kerkelijke en - breder - de levensbeschouwelijke kaart van Nederland ingrijpend zijn gewijzigd.

donderdag 23 december 2010

Rottigheid

Als iemand je iets naars over een ander vertelt, dan zit je daar mooi mee. Het vervuilt de manier waarop je in het vervolg naar die persoon kijkt, ook al weet je niet 100 procent zeker dat de vervuilende informatie waar is.
Je stapt immers niet zo maar naar iemand toe en vraagt of die roddel klopt. Tenminste, ik doe dat niet. Mijn schoonmoeder zou zeggen: ‘Een kroon is zo maar van iemands hoofd gestoten.’ En ze heeft gelijk.

Geregeld word je als journalist via telefoon of mail op de hoogte gesteld van zaken die anderen liever niet naar buiten gebracht zien. Kerkleden doen dat ook. Zoals iemand mij laatst twitterde: ‘Kerkmensen zijn net gewone mensen.’ Waarop ik iets terugschreef van: ‘Meestal is dat een excuus om het ‘gij geheel anders’ te kunnen verwaarlozen.’
Mensen hebben altijd een belang om iets te lekken. Bij kerkmensen intrigeert mij dat extra. Heb je nu echt zo’n hekel aan die kerk of de persoon waarover je dit naar buiten brengt? Weet je dan niet dat dit soort informatie het blazoen van de kerk besmeurt en de dominee in kwestie - want daar gaat het meestal over - voor het leven beschadigt?

Wat er zoal aan achterklap in mijn oor gefluisterd wordt? Weet u… dat onze dominee een ziekte met een korte naam heeft, dat onze dominee met iemand in de gemeente een relatie heeft, dat de dominee het met de organist op de orgelbank gedaan heeft, dat onze dominee zijn computer bij een kerklid ter reparatie inleverde en dat daar pornografisch materiaal op stond, dat onze dominee grote gokschulden heeft, dat onze dominee met te veel op door de politie aangehouden is?
Misschien deug ik niet als journalist, maar ik ben nooit blij met dit soort rottigheid. En ik ben ook niet blij met kerkleden die dit aan mij doorgeven. ‘U mag natuurlijk nooit zeggen dat het bij mij vandaan komt.’ De laatste jaren gebeurt het vooral anoniem: met een voor de gelegenheid aangemaakt mailaccount.

Dat ik vervolgens met die vuiligheid zit opgescheept - jammer dan. Een keer hoorde ik hoe in een kerk feest werd gevierd dat de dominee vertrok. Hij had in al zijn gemeenten buitenechtelijke relaties gehad. De man stapte over naar een ander kerkverband, waar hij heel enthousiast werd ontvangen. Iemand in zijn aanstaande gemeente sprak over de dominee als een lot in de loterij, hoewel de degelijk gereformeerde man in kwestie nooit die term zou gebruiken.
Moest ik zijn vreugde temperen? Moest ik zeggen dat dat kerkverband en die gemeente een kat in de zak hadden gekregen? Ik heb het niet gedaan. Nauwelijks een jaar later was het in de nieuwe gemeente ook weer raak. En de kerk wist niet hoe snel ze van de man af moesten. De dominee sprak tegen een collega van een andere krant over de onbarmhartigheid die hij had ondervonden. En de kerkenraad moest zwijgen over wat er echt was voorgevallen.

woensdag 15 december 2010

Het nieuws

Kent u dat - ik hoop het - dat uw wapenrusting soms niet genoeg sluit en dat het dagelijkse nieuws je niet onberoerd laat? Ik had vanmorgen weer zo’n moment. En het NOS Journaal van negen uur - leuk op mijn iPhone bekeken - kwam keihard bij mij binnen.
Een boot, afgeladen met asielzoekers, slaat in zeer slecht weer te pletter op de rotskust van het Australische Christmas Island (what’s in a name). Reddingwerkers moeten toezien hoe de bootvluchtelingen verdrinken, ook kinderen en baby’s.

Steeds meer kinderen in Nederland leven in armoede. Het zijn er inmiddels ruim driehonderdduizend. En er is weer een internationaal kinderpornonetwerk opgerold. Wie weet hoeveel leed die *PIEP* hebben veroorzaakt.
En ja, er was ook fijn nieuws. Hoe een dief met 1,5 miljoen dollar aan fiches een casino uit kon komen. En zeker, het was hartstikke leuk om te zien hoe Nicolien Sauerbrij op afstand, onder de voet van de Rocky Mountains, hoorde dat ze sportvrouw van het jaar was geworden.

Maar toch. Waarom word ik letterlijk beroerd van de gedachte aan onder anderen die vluchtelingen die al allerlei ontberingen achter de rug hadden, om tenslotte op de kust van de vrijheid om te komen of hun geliefden een vreselijke dood te zien sterven?
Hoe kan ik in Godsnaam toch meestal met droge ogen het nieuws bekijken of meewerken aan alweer een krant vol leed? En dan ook alleen maar dat leed dat in het nieuws komt. Dat iedere drie seconden een kind onnodig dood gaat, omdat we met elkaar de boel niet eerlijk verdelen - ach, dat is geen nieuws.

Ik verbaas me altijd over christenen die pas in een geloofscrisis komen als henzelf of iemand in hun directe omgeving iets vreselijks overkomt. Begrijp me goed, vaak gaat het echt om afschuwelijke dingen en mensen zijn terecht tot in hun botten geraakt.
Maar hoe hebben ze voor die tijd dan de krant gelezen en naar het nieuws zitten kijken? Er is toch iedere dag reden om in een enorme geloofscrisis terecht te komen? ‘Als er echt een God is…’ En mensen die geloven dat deze wereld niet onder de vloek leeft, die begrijp ik al helemaal niet.

maandag 6 december 2010

Verwachting

Het is weer advent. De tijd van verwachting, van uitzien naar de geboorte van Jezus, naar de komst van het Licht. En blijde verwachting is een van de belangrijkste dingen in het leven, weet de Zweedse econoom en hoogleraar Micael Dahlén.
Dahlén, die er uit ziet als een jonge hippie, heeft het boek ‘Nextopia’ geschreven. Hij beschrijft de zogenaamde ‘Expectations Society’. Mensen zijn het gelukkigst, zegt hij, wanneer ze iets hebben om naar uit te kijken. Daar, daar om de hoek, voor ons - daar bevindt zich iets beters.

Wil je iets bereiken bij de mensen, dan moet je daarop inspelen. En dat had het promotieteam van president Barack Obama net zo goed begrepen als degenen die de iPhone 4 in de markt zetten. De verwachtingen waren in beide gevallen enorm.
Dahlén wijst bijvoorbeeld op een Amerikaans consumentenonderzoek dat gehouden werd twee maanden voor de nieuwe telefoon van Apple op de markt moest komen. De meerderheid van de ondervraagden wist het zeker, zonder het ding in handen gehad te hebben: de iPhone!

Sprekender nog, vindt Dahlén, is Obama die de Nobelprijs voor de Vrede ontving. Wat hij had gedaan voor de vrede? ,,Helemaal niets, maar mensen verwachtten dat hij vrede gaat brengen.’’ Dat Obama bij veel Amerikanen zo van zijn voetstuk kon vallen, is de keerzijde van dat succes.
Het hebben van de zaak, mijn moeder zei het vroeger geregeld, is het einde van het vermaak. De les die consumenten hier uit kunnen trekken is volgens Dahlén: ,,Er is geen eeuwig geluk. Je kunt niet voor eeuwig gelukkig zijn en dat is, denk ik, een opluchting.’’

Dahlén heeft de ‘Expectations Society’ goed in beeld, maar op dit laatste punt gaat hij de mist in, weten degenen die leven in advent.